donderdag 20 november 2008

Homepathie als oplossing

Afrikaanse tovenaars, kruidenmannetjes, heksen,… Geneeskunde in de schemerzone kan je wel zeggen. Maar er is een geneeswijze die in de westerse wereld wijd verspreid is, maar waar ik soms mijn twijfels bij heb. En dat is homeopathie.

Maar first things first. Wat is homeopathie? Iedereen kent wel de kleine, ronde pilletjes die de homeopathische geneesmiddelen zijn, maar er schuilt ook een hele ‘filosofie’ achter de behandelingsmethode.

Homeopaten steunen in de eerste plaats op het gelijksoortigheidsbeginsel. Dit betekent dat een stof die bij de ene persoon bepaalde symptomen veroorzaakt, bij andere patiënten met dezelfde symptomen kan dienen als geneesmiddel. Je mag er wel maar heel kleine doses van innemen.

In de tweede plaats is er het principe van de individualisatie. Een homeopaat moet rekening houden met alle specifieke symptomen van een patiënt. Een behandeling kiest de geneesheer vervolgens op basis van de reactie van de zieke als individu en dus niet op basis van de ziekte zelf.

Dat klinkt allemaal heel mooi, maar veel geloof hecht ik er niet aan. En ik zeg dit niet zomaar, want vroeger geloofde ik het wel. Tot ik eens zelf gebruik maakte van homeopathie.

De eerste keer was een aantal jaar geleden omdat ik maar niet van mijn wratten afraakte (sorry voor het onsmakelijke onderwerp). Ik had al alles geprobeerd en ging ten einde raad maar eens naar de homeopaat. Op aanraden van de believer die ik in het begin al aanhaalde. Ik moest allerlei vragen beantwoorden die zeer relevant waren voor het behandelen van wratten, zoals of ik een vriend had. Wat mijn lievelingseten was. Of ik snel begon te wenen. Heel logisch allemaal. Achteraf kreeg ik een pilletje mee dat ik volgens een bepaalde procedure (en niet anders!) moest innemen. Baat het niet dan schaadt het niet, ik deed alles dus mooi zoals mij opgelegd was. Of het geholpen heeft? Alles wat ik kan zeggen is dat mijn wratten twee jaar later op mysterieuze wijze verdwenen zijn (na heel wat andere behandelingen niet te vergeten). Volgens de believer was het dankzij de homeopathie, maar als je telkens twee jaar moet wachten… Ik denk eerder aan een wat late reactie van de vorige (niet-homeopathische) behandeling.

Maar ik besloot de believer nog een kans te geven. Na het trekken van mijn twee linkse wijsheidstanden waren de rechtse aan de beurt. Omdat ik er al zoveel last van had gehad de keer ervoor, nam ik mijn toevlucht tot homeopathie. Ik nam braaf alle pilletjes in, al van een week op voorhand. De dag zelf ging alles goed, totdat de verdoving was uitgewerkt! Ik voelde me zo slecht dat ik uiteindelijk bezweken ben en een pijnstiller/ontstekingsremmer nam (dat mag je namelijk niet doen want anders werkt de homeopathie niet meer). Oh ja, ik voelde me trouwens nog slechter dan de eerste keer, en ook mijn oog ging deze keer aan het zwellen (met veel verbaasde blikken op de trein als gevolg).

“Voor sommige aandoeningen is een homeopathische behandeling niet voldoende”, lees ik op een overheidswebsite. Welke behandelingen dan? En waarom helpt het bij de ene persoon wel en de andere niet? Heb ik de vragen van de homeopaat niet goed genoeg beantwoord? Of moet je er echt heel hard in geloven (Placebo)?

Wie het antwoord op de vorige vragen weet, mag het me gerust laten weten!

zaterdag 15 november 2008

Strijken voor gevorderen

Velen zullen het misschien niet eens zijn met mij, maar ik begin de sportpagina's in de krant een beetje saai te vinden. Ik ben nochtans wel een sportliefhebber. Maar het zoveelste artikel over de nationale voetbalcompetitie of één of andere tenniswedstrijd gaat wat vervelen.

Met het opzet van dit blog in het achterhoogd, ging ik dus op zoek naar een obscure sport die een beetje meer aandacht verdient.
Na wat gezoek op google kwam ik uit op het lichtjes bevreemdende "Extreme Ironing".
Of het die extra aandacht waard is, laat ik nog even in het midden.

Het is bij Extreme Ironing de bedoeling dat je een extreme sport nog een beetje extremer maakt door een strijkplank, strijkijzer en wat te strijken kleren meezeult. Op die manier zou je de combinatie beleven van "the thrills of an extreme outdoor activity" en de "satisfaction of a well-pressed shirt".

De Extreme Ironing-fanaten strijken dus al bengelend aan rotswanden, in grotten, onder water, in kano's en zelfs tijdens het skydiven.

Een mens moet zich toch met iets bezig houden, nietwaar?

In 2002 vonden zelfs de eerste Extreme Ironing World Championship plaats in Duitsland. Er namen toen 80 teams uit 10 landen deel. En blijkbaar wint de sport ondertussen aan populariteit over de hele wereld.

De Britse uitvinder van deze sport, Phil Shaw, ziet het in ieder geval groots: "Het is ons doel dat de sport zo veel bekendheid vergaart dat ze een Olympische discipline wordt. Als synchroonzwemmen en curling dat kunnen, moet het ons ook lukken".

Probeer bij het bekijken van dit filmpje trouwens eens te achterhalen waar die mannen precies hun elektriciteit vandaan halen om dat strijkijzer aan de praat te krijgen. Dat mysterie zou ik toch graag opgelost zien.



Ik stel voor dat één van onze Kitchen Disaster-meisjes deze sport uit de schemerzone eens uitprobeert en er een blog over publiceert. Veel succes!

donderdag 13 november 2008

Een boterham met choco

“Volgens mij is een boterham met choco kunst,” zei een halfbeschonken jongedame op een donkere zondagavond in Café Zeezicht te Antwerpen. Ik ben geen kunstkenner, maar ik heb toch sterke twijfels bij haar mening. Toch was het geen dronkemanstaal wat deze dame uitkraamde.




Tot waar reikt immers de subjectiviteit in de kunstkritiek? Liters inkt is er al gevloeid om op deze vraag een antwoord te bieden. De reden daarvoor is dat op deze vraag nooit een eenduidig antwoord kan gegeven worden. Net als op alle andere vragen die zich niet meer begeven op het domein van het rationele.

Een kunstzinnige kameraad stelde de vraag aan bovengenoemde halfbeschonken jongedame in een poging een gesprek te beginnen over kunst. Om half één ’s nachts is dat niet meer zo evident. Maar toch, ik waardeer zijn poging, hoewel het hem niet gelukt om haar telefoonnummer te krijgen.

Er zijn misschien betere manieren om een gesprek over een dergelijk onderwerp te beginnen of misschien toch niet. Laten we het even (pseudo)filosofisch bekijken.

Sinds het einde van het modernisme en de overgang naar het postmodernisme in de jaren 60 zijn er immers geen zekerheden meer. ‘Het einde van de grote verhalen’, zei Lyotard. De slinger ging sindsdien helemaal de andere kant op: van een starre dogmatische kijk op naar een overdreven relativering der dingen.

Als een mosselpot kunst is, waarom dan geen boterham met choco? Dat is nu net de verdienste van het postmodernisme: alles kan in vraag gesteld worden. Het grote probleem van het postmodernisme is dat we verleerd zijn te streven naar de ‘waarheid’ door middel van argumenten (een methode beschreven door Habermas in zijn werk Theorie des kommunikativen Handelns). Want zelfs die ‘waarheid’ wordt in vraag gesteld door de ophemeling van het subjectieve individu, met als gevolg dat relativering de heersende methode in de communicatieve handeling is. (Hou nog even vol beste lezer.)

De stront in pakjes van Wim Delvoye wordt ontegensprekelijk als kunst aanzien. De naam ‘Delvoye’ en een goed woordje van een ‘kunstcriticus’ zijn al voldoende voor de kunstenaar om een tweede kasteel te kunnen kopen. De consensus wordt nog zelden voorafgegaan door een maatschappelijk debat.
Foto: Te koop: de stront in pakjes van Wim Delvoye

Natuurlijk heeft niemand de waarheid in pacht. Een antwoord zoeken op de vraag naar wat kunst is, is en blijft een utopie. Maar de betrachting om de utopie te bereiken zou net een uitdaging moeten zijn en zou niet verward mogen worden met naïef idealisme.

Naïef als ik ben, begon ik me dus te mengen in de discussie om de jongedame te overtuigen dat de boterham met choco géén kunst is. Wat bleek? Mijn argumenten konden haar niet overtuigen. Had ze ondertussen al te veel gedronken om overtuigd te worden? Of waren mijn argumenten te zwak? Of heb ik het helemaal mis en is een boterham met choco wel degelijk kunst?
Als anticlimax kon het afscheid van de dame wel tellen. Net als dit slot overigens.

donderdag 6 november 2008

The power of speech

Het intrigeert mij nu al jaren, dat diepgewortelde patriotisme van de Amerikanen. Waar zou dat nu toch vandaan komen en hoe houden ze het in stand?

Bij elk sportevenement zingen ze gezamelijk dat volkslied. Of het nu gaat om de World Series of om de Little League wedstrijden van de klein mannen. Altijd moet iedereen even tonen dat ze échte Amerikanen zijn.

Aan meer dan de helft van de huizen hangt een gigantische vlag. En soms wordt het zelfs een beetje zorgwekkend, als ze een mini-versie van het Statue of Liberty in hun voortuin neerzetten.




Het is al eens iets anders dan een tuinkabouter, nietwaar?


In België is die vaderlandsliefde vaak veel verder te zoeken. De koning en de zijnen worden zonder schroom uitgelachen (toegegeven, bij het zien van George W. kunnen veel Amerikanen hun lach ook niet inhouden). En buiten de "voor vorst, voor vrijheid en voor recht" kent er amper nog iemand ons volkslied (enkel meeneuriën telt niet!).

Supporteren voor de Rode Duivels is de laatste tijd ook al een beetje taboe geworden.
En ik moet het eerste mini-atomium nog in een Belgische voortuin zien verschijnen. Gelukkig maar!

Hoe doen die Amerikanen dat dan, altijd zo hard voor elkaar opkomen en zo trots zijn op hun land en mede-inwoners?

Misschien is het tijd voor een kleine vergelijkende studie:


speech van Barack Obama op de Democratic National Convention in 2004


Kerstboodschap van koning Albert II in 2007

De vergelijking van deze twee speechen gaat misschien niet helemaal op. Onze koning heeft ten eerste al geen uitzinnig publiek voor zich zitten en hij hoeft ook niets meer te bewijzen. Hij heeft ook geen gospelkoor dat zijn entree iets glamoureuzer kan maken.

Maar toch!

De flair waarmee vele Amerikanen (niet alleen Barack Obama) kunnen speechen is toch ongelooflijk. De kracht van woorden moet je ook kunnen gebruiken. En dat beseffen ze daar. In Amerika worden ze al getraind op het geven van toespraken van in de lagere school. Daartegen verdwijnen onze spreekbeurten in het niets.

En ik moet het toegeven, mijn germanistenhart gaat bij de vergelijking toch ook uit naar de poëtisch gevormde zinnen van Obama. Sorry, majesteit!
Misschien is het hier ook wel tijd om eens wat meer aandacht te besteden aan de manier waarop we een boodschap gaan verpakken. Een beetje meer charisma kan toch geen kwaad?

De Beurs der Boeken

Het blijft even stil rond blogger Wouter Rombouts in De Schemerzone. Dat komt (onder andere) omdat hij even een tweede thuis vindt op de Boekenbeurs te Antwerpen.



Hij werkt er samen met Laure, Femke en Nele voor organisator Boek.be om verslag uit te brengen van deze literaire hoogmis.



Ondertussen vindt hij de tijd om even te netwerken bij Knack, zijn toekomstige stageplaats.




Je kan onze verslagen lezen op de site van de Boekenbeurs!

De boekenbeurs loopt nog tot dinsdag 11 november. Zeker eens een kijkje nemen als je nog kan!

dinsdag 4 november 2008

De vage grens tussen liefde en mishandeling

Als er één onderwerp een schemeronderwerp bij uitstek is, dan is het wel dierennieuws. Want dieren kunnen niet praten en kunnen daarom hun enthousiasme of ongenoegen niet uiten. Of misschien maar een beetje, door met hun staart te kwispelen of zo, maar dat is nu niet echt nieuws.

Omdat ik als dierenvriend, en eigenares van de allerliefste hond ter wereld, de indruk heb dat het tijd wordt dat dieren een stem krijgen, zal ik even hun ongenoegen uiten in hun plaats.



Lana, de liefste hond ter wereld

Zo zijn er namelijk zogezegde dierenvrienden die mij, en mijn vriend de hond, enorm ergeren. Ze hebben hun dier zo lief dat die liefde uitmondt in dierenmishandeling. Ja, u raadt het misschien al, ik heb het over de Paris Hiltons van deze planeet, die denken dat hun hond een soort harig mensje is.

Ze overladen hun huisdier met luxe, waar wij zelf soms nog niet eens van kunnen dromen. Manicure en pedicure voor honden, ja echt, met nagellak en al. Kleertjes, sierraden, hondenhokken in de vorm van een miniatuurvilla, dierenvoeding waar zelfs mensen van kunnen eten, en het ergst van al: parfum!

Natuurlijk, niet alles hieraan is slecht. Het kan volgens mij geen kwaad je huisdier gezonde voeding te geven. Ook mijn hond krijgt af en toe wat soep - daar is ze dol op - en elke dag krijgt ze een pilletje om haar stijve gewrichten wat soepeler te maken. Ook een hondenhok in de vorm van een villa of een bed van 3000 dollar is geen probleem. Alleen wat weggegooid geld, want een hond is geen mens en merkt geen verschil tussen een basic hondenhok en één in de vorm van een villa.

Maar de rest! Honden hebben geen kleren nodig, hun vacht is hun jasje. Stel je eens voor dat je een bontjas zou dragen, en ze er dan nog eens zo een onnozel vestje over wringen. Bovendien worden die hondenjasjes vaak te strak aangespannen waardoor de hond er vreselijk veel last van heeft.

Een hond moet je ook niet wassen, die wast zichzelf. Zijn eigen geur is voor een hond zelfs heel belangrijk, en door hem te wassen doe je dan meer kwaad dan goed. Het is ook normaal dat het haar van een hond vettig is, want op die manier wordt enkel de vacht nat en dringt regen niet door tot op de huid. En ja, als je met je hond gaat wandelen en het regent, dan stinkt je hond naar natte hond. Maar eigenlijk is dat normaal, want het is ook een natte hond.

Maar het ergst van al vind ik de hondenparfums. Je maakt je hond hier helemaal niet gelukkig mee! Honden houden van andere geurtjes: modder, uitwerpselen, enzovoort. Daarom rollen ze zich hier ook zo graag in. En ik betwijfel dat hondjes houden van muntspray voor een frisse adem.

Daarom is mijn boodschap vanwege alle honden in de wereld: honden zijn geen mensen, behandel hen ook niet zo. Honden houden van wandelen, spelen, zich vuil maken en eten. En dus niet van een pedicure, een dagje hondenkuuroord of een afspraak met de hondekapper om hun haar te verven.